De WOZ waarde en afschrijven op vastgoed

Afschrijven op vastgoed is slechts toegestaan als dat vastgoed binnen de onderneming als bedrijfsmiddel wordt gebruikt. Dat is het geval als u het pand duurzaam voor de bedrijfsuitoefening gebruikt: bijvoorbeeld als kantoorpand, werkplaats, winkel of beleggingspand. Is het vastgoed bestemd voor de verkoop, dan kunt u er niet op afschrijven: er is dan geen sprake van een bedrijfsmiddel, maar van voorraad. Maar als u het pand dat u wilt verkopen tijdelijk verhuurt in afwachting van een geschikte verkoop, kunt u weer wél op dat pand afschrijven.

Op welke wijze mag worden afgeschreven?
Afschrijven mag alleen als de fiscale boekwaarde van een pand hoger is dan de zogenaamde 'bodemwaarde'. Deze bodemwaarde is gekoppeld aan de WOZ-waarde (waarde volgens de wet Waardering Onroerende Zaken). Gebruikt u het bedrijfspand zelf binnen uw onderneming, dan is de bodemwaarde de helft van de WOZ-waarde. Voor een beleggingspand is de bodemwaarde gelijk aan de WOZ-waarde.

Vanaf 1 januari 2007 is afschrijven op vastgoed nog slechts mogelijk als de fiscale boekwaarde hoger is dan de bodemwaarde. De afschrijving verloopt volgens de gangbare regels, zoals die ook al vóór 2007 van toepassing waren. Daar is niets in gewijzigd. Nieuw is dat de afschrijving wordt stopgezet zodra de bodemwaarde van het pand is bereikt. Met technische en economische slijtage van het vastgoed mag rekening worden gehouden, voorzover die niet wordt opgevangen door een stijging van de bodemwaarde. Als de bodemwaarde stijgt, leidt dat niet tot belastingheffing, maar de ruimte voor afschrijving neemt wél af. Daalt de waarde van het pand, dan ontstaat er weer (meer) ruimte voor afschrijving. De bodemwaarde is het absolute minimum en de boekwaarde van een bedrijfspand kan door afschrijving nooit lager dan de bodemwaarde uitkomen.

Overgangsregeling.
De beperking van de afschrijving op gebouwen tot op de bodemwaarde is vanaf 1 januari 2007 van toepassing op alle gebouwen, ook op de gebouwen die de ondernemer al vóór 2007 in eigendom had. Er geldt een zeer beperkte overgangsregeling: heeft u op 1 januari 2007 nog geen drie jaar afgeschreven op een gebouw dat u (of uw BV) in eigendom heeft, dan kunt u de ontbrekende periode nog afschrijven volgens het oude systeem, zonder rekening te houden met de ondergrens van de bodemwaarde. Deze overgangsmaatregel is uitsluitend van belang voor beleggingspanden.

Focus op de WOZ waarde.
De wetgever heeft de bodemwaarde gekoppeld aan de WOZ-waarde. Voor een gebouw in eigen gebruik is de bodemwaarde 50% van de WOZ-waarde, voor een beleggingspand 100% van de WOZ-waarde. Uitgangspunt voor de WOZ-waarde is 'de waarde in het economische verkeer van de onroerende zaak in vrij opleverbare staat'. Voor zgn. incourante gebouwen - hieronder vallen o.a. industriële complexen, sportaccommodaties, schoolgebouwen, zorginstellingen - wordt de WOZ-waarde gesteld op de (gecorrigeerde) vervangingswaarde als die hoger is dan de waarde in vrij opleverbare staat. De WOZ-waarde wordt jaarlijks door de gemeente vastgesteld naar de toestand per 1 januari van het jaar voorafgaand aan het belastingjaar. De WOZ-waarde 2012 is aldus de waarde per peildatum 1 januari 2011.

Deskundige bijstand voor het verkrijgen van een correcte WOZ-waarde.
Het belang van een correcte WOZ-waardering is fors toegenomen door de koppeling met de bodemwaarde voor de afschrijving op vastgoed. Beoordeel de WOZ-beschikking dan ook kritisch, maak zo nodig bezwaar en let met name op de bezwaartermijn van zes weken. Bij overschrijding van de bezwaartermijn kunt u doorgaans de bodemwaarde voor de afschrijving  niet meer aanvechten. Bij het opstellen van een succesvol bezwaar willen wij u gaarne bijstaan met een degelijke onderbouwing van de correcte WOZ waarde!